Een gezin wast gemiddeld 228
machines was per jaar. Daarvoor worden 40 kg niet-geconcentreerd waspoeder
en 20 L niet-geconcentreerde wasverzachter gebruikt. In België
alleen al is de verkoop van wasmiddelen en wasverzachters goed voor
een omzet van meer dan 198 miljoen euro per jaar.
Gezien het belang van deze markt, kan uw productkeuze de producenten
aanzetten tot het bijsturen van hun productaanbod, bijvoorbeeld in
de richting van meer milieuvriendelijke producten.
Daarom wil Colruyt u zo goed mogelijk informeren, zodat u met kennis
van zaken uw keuze kan maken uit dit productgamma waarin de nieuwigheden
elkaar in sneltreinvaart opvolgen: traditioneel waspoeder, wasgel,
geconcentreerde producten, tabletten, wasmiddelen voor witte was,
voor gekleurde was, voor donkere was, navulpakken, enz.

| Waaruit bestaan waspoeders? |
|
Oppervlakteactieve stoffen
Oppervlakteactieve stoffen (ook wel wasactieve stoffen of detergenten
genoemd) vergemakkelijken de bevochtiging van het wasgoed, zorgen
ervoor dat het vuil van het linnen wordt losgeweekt en dat het niet
opnieuw op het wasgoed neerslaat.
De chemische samenstelling van oppervlakteactieve stoffen is vrij
complex. Er wordt onderscheid gemaakt tussen anionogene, niet-ionogene,
kationogene en amfotere oppervlakteactieve stoffen.
De anionogene en de niet-ionogene stoffen worden over het algemeen
gebruikt voor hun reinigende functie, terwijl de kationogene stoffen
worden gebruikt om het wasgoed zachter te maken.
In de groep van de oppervlakteactieve stoffen wordt er een onderscheid
gemaakt tussen de stoffen die gemaakt zijn op basis van aardolie (de
petrochemische detergenten), en de stoffen die gemaakt zijn op
basis van plantaardige oliën , zoals
kopraolie, palmolie, enz. (de plantaardige detergenten zoals bijvoorbeeld
de Marseillezeep).
De plantaardige detergenten bieden heel wat voordelen: ze zijn afkomstig
van hernieuwbare bronnen en ze zijn vlugger en beter biologisch afbreekbaar.
De ontharders of waterverzachters
De ontharders dienen om het water minder hard te maken, zodat het
wassen gemakkelijker wordt en de oppervlakteactieve stoffen doeltreffender
kunnen werken.
Vroeger kwamen fosfaten het meest voor als ontharders. Maar het gebruik
ervan werd afgebouwd omdat ze bijdragen tot watervervuiling: eutrofiëring.
Ze werden vervangen door andere stoffen, maar komen momenteel (jammer
genoeg), bij gebrek aan wetgeving, sterk terug in wasmiddelen, vooral
in niet-geconcentreerde waspoeders en tabletten.
Het probleem van de fosfaten: eutrofiëring
De fosfaten in onze waterlopen zijn afkomstig van gezinnen, industrie
en intensieve landbouw (meststoffen en veevoeder). Wanneer de concentratie
van fosfaten in meren en rivieren toeneemt, stimuleert het fosfor
in de fosfaten de ontwikkeling van de waterflora, vooral van de algen.
Die wildgroei van algen veroorzaakt een vermindering van de zuurstof,
waardoor talrijke plantaardige en dierlijke organismen sterven door
verstikking: dat noemt men eutrofiëring.
Zelfs al wordt het probleem daardoor niet volledig opgelost, het weglaten
van de fosfaten uit de wasmiddelen draagt in sterke mate bij tot het
verminderen van de fosfaten in onze oppervlaktewateren.
Fosfaatvervangers
Om doeltreffend te zijn, moeten fosfaatvrije wasmiddelen toch nog
een of andere kalkwerende stof bevatten. Fosfaten werden dan ook vervangen
door andere waterontharders. De meest gebruikte is zeoliet: een kleimineraal
dat, voor zover men weet, geen enkele nadelige invloed heeft op het
milieu.
Voor een betere werking, wordt zeoliet wel meestal gecombineerd met
andere bestanddelen: citraten, natriumcarbonaat, fosfonaten, polycarboxylaten,
NTA (nitrilotriacetaat), EDTA (ethyleen diamine tetra acetaat).
NTA en EDTA houden een gevaar
in voor het milieu (vrijkomen van zware metalen uit de rivierafzettingen).
De polycarboxylaten zijn niet afbreekbaar.
Fosfonaat is moeilijk afbreekbaar, en bij afbraak komt er fosfor
bij zoals bij de fosfaten.
Natriumcitraat en natriumcarbonaat zijn natuurlijke producten die
geen negatieve invloed hebben op het milieu.
Deze producten kunnen ook op
zich gebruikt worden als waterontharder, zonder zeoliet.
Sulfaat
De klassieke waspoeders bevatten 10 tot 50 % natriumsulfaat.
Dat heeft geen enkele waskracht, maar het zorgt ervoor dat de korreltjes
waspoeder niet samenklitten. Het wordt ook gebruikt als vulmiddel
om het volume van klassieke waspoeders te verhogen. Natriumsulfaat
zorgt echter wel mee voor de verzilting van zoet water in de waterlopen.
Compacte wasmiddelen (zie verder) bevatten maar heel weinig sulfaat.
Bleekmiddelen
Om de echt hardnekkige vlekken aan te pakken en het wasgoed mooi wit
te maken, volstaan oppervlakteactieve stoffen alleen niet. Daarom
bevatten heel wat wasmiddelen ook bleekmiddelen. Die hebben een blekende
werking en pakken 'oxideerbare' vlekken aan zoals van wijn, thee,
koffie of fruit.
Bleekmiddelen met chloor zijn schadelijk. Perboraat geeft in het water
boor (een element uit dezelfde groep als aluminium) vrij en wordt
meestal gebruikt met TAED (tetra acetyl ethyleen diamine) en EDTA
(schadelijk voor het leefmilieu). Natriumpercarbonaat daarentegen
heeft geen nadelige gevolgen voor het milieu.
Enzymen
Om organische vlekken aan te pakken (op basis van albumine: ei, bloed,
chocolade, zweet, enz.) worden enzymen toegevoegd. Ze zijn snel afbreekbaar
en brengen het milieu geen schade toe.
Witter dan wit: de optische witmakers
Optische witmakers (1 % van het volume van de wasmiddelen) hebben
geen echte wasactieve kracht. Ze hechten zich vast aan het wasgoed
en versterken de indruk van witheid dankzij hun fluorescerende eigenschappen
(ze absorberen U.V.-stralen en geven die terug in de vorm van zichtbaar
licht). Ze zijn een soort kleurstoffen.
Optische witmakers zijn moeilijk afbreekbaar. Bovendien kunnen ze
allergieën veroorzaken.
Klassieke universele waspoeders
De meeste wasmiddelen op de markt zijn universele wasmiddelen: geschikt
voor alle soorten textiel, alle soorten vuil en bij alle temperaturen.
Om in al die situaties goed te werken, bevatten ze heel wat verschillende
bestanddelen. Sommige daarvan zijn nutteloos, of zelfs schadelijk,
voor bepaalde soorten wasgoed. Bleekmiddelen bijvoorbeeld doen de
kleur van gekleurd wasgoed verbleken.
Vloeibare wasmiddelen

Vloeibare
wasmiddelen zijn samengesteld uit vergelijkbare bestanddelen in
vloeibare vorm. Ze bevatten geen fosfaten of bleekmiddelen. Die
afwezigheid van kalkwerende middelen wordt opgevangen door een
hogere dosis oppervlakteactieve stoffen dan bij waspoeders, om hetzelfde resultaat te bekomen. Daarbovenop
worden er middelen toegevoegd om ervoor te zorgen dat de verschillende
Vloeibare wasmiddelen zijn geschikt voor het wassen van hedendaagse
synthetische en gekleurde stoffen bij temperaturen lager dan 60°
C. Ze zijn bijzonder doeltreffend voor het wegwassen van vetvlekken.
Op milieuvlak levert hun grote dosis oppervlakteactieve stoffen
problemen op. Kiezen voor plantaardige oppervlakteactieve stoffen
vermindert dit nadeel.
Kleurwasmiddelen
Dit zijn wasmiddelen voor gekleurd of bont wasgoed, ze bevatten
geen bleekmiddel of optische witmakers. Ze bestaan in poeder-, tablet-
en vloeibare vorm.
Compacte waspoeders, microwaspoeders of geconcentreerde wasmiddelen

De aangepaste formules van deze compacte waspoeders maken vulmiddelen
overbodig. Zo heeft u 50 % minder wasmiddel nodig voor een wasbeurt.
Ze bestaan in verschillende vormen: poeder, vloeibaar, tabletten,
parels en liquits (gebruiksklare doseringen vloeibaar wasmiddel).
Ze bieden heel wat voordelen voor het milieu:
- minder grondstoffen voor de productie
- energiebesparing bij het transport
- minder verpakkingsmateriaal en dus ook minder afval
- minder vervuilende afvalstoffen.
Tabletten en Liquits hebben nog een extra troef: aangezien ze voorgedoseerd
zijn, is er geen risico op overdosering.
| Milieuvriendelijker wassen |
|
Wilt u graag uw steentje bijdragen voor een beter leefmilieu?
Dan vindt u hieronder enkele praktische tips rond de keuze en het
gebruik van wasmiddelen.
Keuze van het product
Een geconcentreerd product
Met geconcentreerde of compacte wasmiddelen heeft u 2 x minder product
nodig per wasbeurt, wat bijdraagt tot een beter leefmilieu (minder
grondstoffen, energiebesparing, minder afval, minder afvalstoffen).
Ze bestaan in diverse vormen: poeder, parels, tabletten of vloeibaar.
De vloeibare compacte wasmiddelen hebben een minder goede verhouding
efficiëntie/ milieuvriendelijkheid.
Fosfaatvrij
Fosfaten waren zo goed als verdwenen
uit wasmiddelen, maar door hun lage kostprijs grijpen producenten
er stilaan naar terug als ontharder in goedkope wasmiddelen. Toch
bestaat er nog een grote keuze in fosfaatvrije producten.
Als u daarvoor kiest, helpt u watervervuiling vermijden.
Zonder perboraat
Wasmiddelenproducenten gebruiken vooral 2 bleekmiddelen: perboraat
of percarbonaat. Geef de voorkeur aan middelen met percarbonaat.
Wilt u nog meer doen?
Kies dan een ecologisch product op basis van plantaardige bestanddelen.
Plantaardige oppervlakteactieve stoffen (op basis van kopraolie,
palmolie, kokosolie, enz.) zijn vlugger en beter afbreekbaar dan
de petrochemische tegenhangers. Bovendien zijn de grondstoffen hernieuwbaar.
Gebruik van het product
Respecteer de opgegeven dosis.
Uw was wordt niet properder door meer wasmiddel te gebruiken. Integendeel,
het teveel wordt moeilijker uitgespoeld, hecht zich op het wasgoed
en maakt de kleur vaal. Als het loskomt, veroorzaakt het slechte
geurtjes en irriteert het de huid. Bovendien veroorzaakt u meer
vervuiling en meer kosten.
Op de verpakking vindt u doseerinstructies afhankelijk van de mate
waarin uw wasgoed vuil is en de waterhardheid. Respecteer die instructies,
of beter: pas de lage of gemiddelde dosering toe die overeenkomt
met de vuilgraad, zonder rekening te houden met de waterhardheid.
Voeg indien nodig (in het geval van hard water) een kalkwerend middel
toe zonder fosfaten.
Elk wasgoed zijn wasmiddel
Kies voor uw gekleurd wasgoed een kleurwasmiddel. In tegenstelling
tot de wasmiddelen voor alle temperaturen bevatten die geen bleekmiddel.
Voor gekleurd wasgoed zijn bleekmiddelen overbodig. Zo'n bleekmiddel
werkt immers als een soort ontvlekker op de kleurstoffen, waardoor
de kleuren verbleken. Gebruik de wasmiddelen voor alle temperaturen
eerder veer uw witte was, want dat soort wasmiddelen bevat zowiezo
bleekmiddel.
Gebruik universele wasmiddelen voor uw witte was. Dat soort wasmiddelen
bevat immers wel altijd een bleekmiddel.
Sorteer het wasgoed
Als u het wasgoed eerst sorteert volgens stof en kleur, kan u gemakkelijker
het juiste wasmiddel en -programma kiezen. Zo vermijdt u ook dat
de kleuren 'afgaan'.
Volle trommel
Wanneer u ervoor zorgt dat de machine vol is (niet overvol), wast
u efficiënter, ecologischer en goedkoper. Het wasresultaat
hangt af van het product, maar ook van de manier waarop de stoffen
tegen elkaar wrijven. Wanneer de machine goed vol is, worden de
stoffen beter tegen elkaar gewreven. Bovendien bespaart u water
en energie.
Een programma op lage temperaturen
U kan heel wat energie besparen door uw wasprogramma niet te hoog
te kiezen. Wanneer u bijvoorbeeld katoen wast bij 30 C tegenover
60 C bespaart u jaarlijks 2850 L water en 116 kWh elektriciteit
(cijfers van Test-Aankoop, 1998, op basis van 228 wasbeurten).
| Met of zonder wasverzachter? |
|
Wasverzachters hebben een dubbele werking:
Kationogene oppervlakteactieve stoffen maken de vezels van het
linnen van elkaar los, waardoor het wasgoed zachter wordt. Ze
neutraliseren ook de statische elektriciteit op synthetische vezels.
Ze zetten op de vezels ook een microscopische film af waardoor
ze veel minder gaan absorberen. Het linnen zal bijgevolg water
of zweet eerder 'uitsmeren' dan het op te nemen.
Als u uw wasgoed droogt in een droogkast of aan de waslijn buiten,
wordt uw wasgoed op een natuurlijke manier soepel en zacht en
heeft u dus geen wasverzachter nodig. Gebruikt u er toch een,
hou dan de opgegeven doseringen aan. Net zoals bij de wasmiddelen,
hebt u met geconcentreerde navulverpakkingen heel wat minder verpakkingsafval.
Bronnen
- Des lessives efficaces
et plus écologiques!, infobrochure van het Observatoire
de la Consommation Durable, Brussel, 2000, 20 blz.
- Dossier Produits
lessiviels et adoucissants, Distribution d'aujourd'hui,
september 1999, blz. 93-100.
- L' efficacité
en couleurs, Bon à savoir n° 10, 13 oktober 1999,
blz. 17-19.
- Le retour des phosphates,
Test-Achats, n° 430, maart 2000, blz. 28-31.
- Les lessives, syllabus
van Réseau Eco-consommation, 1995, 65 blz.
- Lessives en poudre
et pastilles, Que choisir? n° 363, september 1999, blz.
48-53.
- La fin de la calgonite?,
Test-Achats, n° 424, september 1999, blz. 36-37.
- Machines à
laver et poudres à lessiver, Test-Achats n° 398,
april 1997, blz. 24-32.
Deze Green Line Infofiche
werd gerealiseerd met de wetenschappelijke steun van de dienst
Réseau Eco-consommation.
Laatste update: maart 2002.
|